“Back-end sentencing”? Enkele reflecties over het herroepen van de voorwaardelijke invrijheidstelling door de Belgische strafuitvoeringsrechtbanken

Research output: Unpublished contribution to conferenceUnpublished paper

Abstract

Internationaal kunnen we een sterke stijging vaststellen in het aantal veroordeelden dat terug in de cel belandt na het plegen van nieuwe feiten tijdens de proefperiode en/of het overtreden van de (bijzondere) voorwaarden gekoppeld aan een voorwaardelijke invrijheidstelling. Cijfergegevens uit Engeland en Wales illustreren bijvoorbeeld een verdrie- tot verviervoudiging van het aantal veroordeelden waarvan een voorwaardelijke invrijheidstelling wordt herroepen. In de Verenigde Staten omvatten de parole violators in 2008 meer dan 35% van het totaal aantal opsluitingen (ten opzichte van 17% in 1980) (Steen, Opsal, Lovegrove & McKinsey, 2013). Een groot deel van de veroordeelden die onder voorwaarden de gevangenis verlaten, belanden met andere woorden terug in de gevangenis nog voor het verstrijken van de proefperiode. De forse toename in het aantal herroepingen kan echter niet verklaard worden vanuit een stijgend recidivecijfer bij deze populatie. In slechts 5% tot 25% van de dossiers wordt een VI herroepen wegens het plegen van nieuwe feiten. De meest voorkomende motivatie voor recall blijkt het overtreden van de (bijzondere) voorwaarden gekoppeld aan de strafuitvoeringsmodaliteit (Langton, 2006; Padfield & Maruna, 2006, Collins, 2007; Travis, 2007; Padfield, 2012b; Steen et. al. 2013) die de beslissingsactoren er toe noopt de toegekende strafuitvoeringsmodaliteit te herroepen. Padfield & Maruna (2006) stellen de achterdeur van de gevangenis daarom voor als een draaideur, waarlangs vele gedetineerden de gevangenis voortijdig verlaten, maar eveneens vaak weer op korte termijn terug binnenkomen. Voor België is tot op heden weinig geweten over deze vorm van “back-end sentencing”. In deze paper staan we daarom uitgebreid stil bij de Belgische procedure en staan we stil bij enkele concrete casussen die ons toelaten te vermoeden dat de controlerende en strikte praktijk die we kunnen lezen in de Angelsaksische literatuur wel eens duidelijk zou kunnen verschillen van de wijze waarop de SURBs in ons land omgaan met de overtreding van de voorwaarden en/of met een nieuwe veroordeling voor feiten gepleegd tijdens de proeftermijn.
Original languageDutch
Publication statusPublished - 6 Feb 2015
EventVijfde Criminologisch Forum - Vlaamse Vereniging voor Criminologie - Leuven, Belgium
Duration: 6 Feb 20156 Feb 2015

Conference

ConferenceVijfde Criminologisch Forum - Vlaamse Vereniging voor Criminologie
CountryBelgium
CityLeuven
Period6/02/156/02/15

Cite this