Narcisme op latere leeftijd: Spiegeltje spiegeltje aan de wand, wie is de mooiste senior van het land?

Research output: Contribution to journalArticlepeer-review

Abstract

Narcisme op latere leeftijd blijkt onderbelicht in de wetenschappelijke literatuur. Niettemin is aandacht voor narcisme bij
65-plussers in de klinische praktijk zeer relevant. Ouderen met een narcistische stoornis hebben doorgaans grote moeite
om grootheidswensen te modificeren aan leeftijdsspecifieke verlieservaringen en beperkingen.
Het is algemeen bekend dat de huidige DSM-criteria voor de narcistische persoonlijkheidsstoornis (APA, 2000) beperkt
toepasbaar zijn voor zowel jongere als oudere volwassenen. Daarom pleiten wij voor een verbreding van het construct. Het
betreft een dimensionale benadering die contextafhankelijk is en waarbij wordt uitgegaan van adaptief versus maladaptief
narcisme. De overgang van adaptief naar maladaptief is een moeilijk onderscheid, omdat disfunctie bepaald wordt door
de context waarin men zich bevindt. Deze context bepaalt ook de variatie van (dis)functioneren, geoperationaliseerd in
grandioze versus sensitieve uitingsvormen.
In de praktijk zien we dat ouderen met een narcistische stoornis in het bijzonder moeite hebben met adequate coping bij
veranderde maatschappelijke (onder andere pensionering) en individuele context (onder andere verlies van naasten, eigen
gezondheid en autonomie). Dit leidt tot een verhoogde kwetsbaarheid en een risico op een eerste psychische decompensatie
(bijvoorbeeld leegtedepressie) op latere leeftijd. Aandacht voor adaptief en maladaptief narcisme bij ouderen is dus
van bijzonder belang voor juiste indicatiestelling van behandeling en gerichte gedragsadvisering voor mantelzorgers en
professionele zorg.
Original languageDutch
Pages (from-to)10-14
Number of pages5
JournalGZ-Psychologie
Volume5
Issue number4
Publication statusPublished - May 2013

Keywords

  • narcissism

Cite this