In vitro en in vivo merkers van beta cel dood en -functie.

Projectdetails

!!Description

Betaceltransplantatie werd voorgesteld als een mogelijke geneeswijze bij type 1 diabetes patiënten die al hun eigen insulineproducerende betacellen hebben verloren. De bereiding van een therapeutische betacelent vereist de beschikbaarheid van een voldoende functionele betacelmasse, t.t.z. een voldoende aantal levende betacellen mmet adequate metabole activiteit en insulineproducerende capaciteit. Dit veronderstelt de ontwikkeling van efficiënte kwaliteitscontroletesten die op de donorcellen kunnen toegepast worden. Deze teste zouden specifieke en gevoelige merkers van bètaceldood en -functie moeten includeren. Idealiter zouden ze ook in vivo bruikbaar dienen te zijn, bvb. na transplantatie. De actueel beschikbare circulerende merkers van type 1 diabetes (bvb. diabetes autoantilichamen) zijn niet in staat betaceldood in vivo te kwantificeren.

Het voorgestelde project beoogt: 1) Gevoelige en specifieke extracellullaire merkers van bètaceldood en functionele betacelmassa te ontwikkelen die toegepast kunnen worden voor in vitro kwaliteitscontrole en standaardisatie van therapeutische betacelenten; 2) De toepasbaarheid van deze merkers te onderzoeken voor de detectie en kwantificatie van betaceldood in vivo vooraleer hyperglycemie zich ontwikkelt of terug optreedt in diermodellen van betacelschade en transplantatie; 3) De toepasbaarheid van deze merkers te onderzoeken voor de monitoring van de overleving van betacelenten in humane transplantatietrials, en - in geval van voldoende gevoeligheid - ook voor de detectie van vroege en/of kleine episodes van betaceldestructie in personen met verhoogd risico op type 1 diabetes.

Preliminaire resultaten tonen aan dat een extracellulaire vrijstelling van de 65 kDa vorm van glutamaatdecarboxylase(GAD) - een prominent betacelautoantigen bij type 1 diabetes - als merker van betacelschade in vitro of in vivo kan fungeren wanneer bepaald met een gevoelige time-resolved fluorescentie immunoassay (TRFIA). De bruikbaarheid van deze merker zal verder uitgetest worden in xeno transplantatie-experimenten bij proefdieren; in geval van beloftevolle resultaten, zullen bloedmonsters van patiënten onderzocht worden kort na ontvangst van een betacel allogreffe. Andere gevestigde diabetesautoantigen -insulinoma-associated antigen-2 en -2B (IA-2 en IA-2B) - zullen ook als extracellullaire merkers van betacelschade in vivo en in vitro onderzocht worden. Voor hun dosering zullen gevoelige TRFIAs ontwikkeld worden met gebruik van specifiek gekozen monoclonale antilichamen. Proteoomanalyse van kweekmilieu na blootstelling van eilandjescelpreparaten aan betaceltoxines in vitro en proteoomanalyse van plasma na blootstelling van diermodellen aan betacelbeschadigde condities (toxines of betacelentafstoting) in vivo zullenaangeven welke nieuwe eiwitmerkers verder onderzocht kunnen worden voor ontwikkeling van gevoelige immunoassays.

Daarnaast wil men gamma aminoboterzuur (GABA) vrijstelling in kweekmilieu verder valideren als kwaliteitscontrole parameter voor humane betacelenten. Op basis van vorig onderzoek wil men de hypothese testen dat een kagere hoeveelheid GABA vrijgesteld bij een intermediaire glucose concentratie (6mM) een lager aantal levende betacellen weerspiegelt, terwijl de graad van suppressie van GABA vrijstelling bij hoog glucose (20mM de glucose gevoeligheid van de betacellen voorstelt. De GABA inhoud van humane betacellen en hun kweekmilieu zal gemeten worden met een gevalideerde HPLC methode. We verwachten dat gebruik van GABA vrijstelling voor het vaststellen van de glucose respons bijzonder nuttig zal zijn in sterk gedegranuleerde betacelpraparaten voor dewelke de snelheid van insuline vrijstelling sterker beïnvloed wordt door hun lage insuline voorraad dan door hun metabole activiteit.
AcroniemOZR1615
StatusGeëindigd
Effectieve start/einddatum1/01/0831/12/10

Flemish discipline codes

  • Basic sciences
  • Biological sciences